Fietsendiefstallen nabij de bushalte 207 in Leimuiden (002) (002)
Een raadslid stelde op 1 september 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Kaag en Braassem (3 vragen).
In het kort
3 vragen en wat het college antwoordt
- Weet het college hier van? → De gemeente is bekend met het feit dat er fietsdiefstallen plaatsvinden in de omgeving van de fietsenstalling nabij de bushalte aan de N207 in Leimuiden.
- Zo ja, zijn er dan maatregelen getroffen om het stelen van fietsen tegen te gaan? a. → De politie heeft naar aanleiding van de stijging van het aantal fietsdiefstallen gericht ingezet op het terugdringen hiervan.
- Zo nee. → Deze situatie is bij de gemeente bekend en er zijn inmiddels maatregelen genomen door de politie.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
1 SCHRIFTELIJKE VRAGEN Zaaknummer N.n.b.Datum indiening vragen donderdag 6 augustus 2026Onderwerp Gestolen Fietsen bij bushalte 207 in Leimuiden Indiener vragen Samen: Willem Weijers Toelichting Met grote regelmaat worden er bij de fietsenstalling nabij de bushalte 207 in Leimuiden fietsen gestolen.
Vragen
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Weet het college hier van?
Antwoord van het college
De gemeente is bekend met het feit dat er fietsdiefstallen plaatsvinden in de omgeving van de fietsenstalling nabij de bushalte aan de N207 in Leimuiden. Ten opzichte van 2024 en 2025 is in 2026 een duidelijke stijging zichtbaar. In de periode januari 2026 tot heden zijn 15 fietsendiefstallen geregistreerd, met een piek in de maand mei. De politie heeft aangegeven dat begin juni 2026 een verdachte is aangehouden. Naar aanleiding hiervan is de stijging van het aantal fietsdiefstallen afgenomen. Sindsdien wordt ongeveer één gestolen fiets per maand geregistreerd.
Vraag 2
Zo ja, zijn er dan maatregelen getroffen om het stelen van fietsen tegen te gaan? a. Welke maatregelen zijn dat?
Antwoord van het college
De politie heeft naar aanleiding van de stijging van het aantal fietsdiefstallen gericht ingezet op het terugdringen hiervan. Er wordt zichtbaar en onzichtbaar toezicht gehouden. Hierbij is onder andere gebruikgemaakt van een lokfiets. Deze inzet heeft geleid tot een aanhouding begin juni 2026.
Na de aanhouding is door de politie onderzocht of de verdachte kon worden gekoppeld aan mogelijke medeverdachten die de diefstallen zouden kunnen voortzetten. Daarvoor zijn op dit moment geen aanwijzingen. Sinds de aanhouding is het aantal geregistreerde fietsdiefstallen bovendien sterk afgenomen.
2 b.Bijvoorbeeld camera bewaking.
Antwoord:
Cameratoezicht is op deze locatie juridisch gezien geen optie. Het inzetten van cameratoezicht in de openbare ruimte is aan wettelijke voorwaarden gebonden en kan niet uitsluitend worden ingezet als preventieve maatregel tegen fietsdiefstal.
Daarnaast blijkt uit de recente ontwikkeling van de cijfers dat de gerichte politie-inzet, waaronder de inzet van een lokfiets, effectief is geweest. Na de aanhouding begin juni 2026 is het aantal geregistreerde fietsdiefstallen sterk afgenomen.
Algemene informatie cameratoezicht Het structureel plaatsen van camera’s in de openbare ruimte is juridisch niet mogelijk onder de huidige omstandigheden. Op grond van artikel 151c van de Gemeentewet kan worden besloten tot plaatsing van cameratoezicht als er sprake is van aantoonbare, structurele en ernstige verstoring van de openbare orde. Hiervoor gelden strikte eisen van proportionaliteit, subsidiariteit en tijdelijkheid.
Hoewel er sprake is van fietsendiefstal, voldoet de huidige situatie niet aan de criteria van een structurele en ernstige verstoring van de openbare orde. Juridisch gezien is er daarom onvoldoende basis om cameratoezicht te rechtvaardigen.
De bevoegdheid te besluiten tot plaatsing van camera’s ligt bij de burgemeester. Cameratoezicht mag alleen worden ingezet als die in verhouding staat tot de omvang van het probleem dat de camera’s moeten voorkomen. In eenvoudige bewoordingen: je mag niet met een kanon op een mug schieten.
Als de overlast ook kan worden opgelost met een lichter, minder ingrijpend, middel dan cameratoezicht moet voor dat lichtere middel worden gekozen. In het geval van gemeentelijke camera’s gaat het dan bijvoorbeeld om goede straatverlichting, een prettig ingerichte openbare ruimte, fysiek toezicht door politie en handhavers, afspraken met de verenigingen en dergelijke.
Hierbij dient te worden opgemerkt dat de provincie Zuid-Holland grondeigenaar/ beheerder is van de bushalte en fietsenstalling nabij de bushalte aan de N207 in Leimuiden.
Vraag 3
Zo nee. Is het mogelijk dat het college maatregelen gaat nemen om deze vorm van criminaliteit tegen te gaan?
Antwoord van het college
Deze situatie is bij de gemeente bekend en er zijn inmiddels maatregelen genomen door de politie.
De stijging in het aantal fietsdiefstallen in 2026 is na de inzet van de lokfiets en de daaropvolgende aanhouding duidelijk afgenomen. Het college ziet daarom op dit moment geen aanleiding voor aanvullende maatregelen. De ontwikkeling van het aantal fietsdiefstallen wordt wel gevolgd. Als opnieuw sprake is van een opvallende stijging, zal in overleg met de politie worden bekeken welke aanvullende maatregelen passend en effectief zijn.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Kaag en Braassem (Open Besluitvorming). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.